Handreiking naar een sociaal-ruimtelijke agenda voor de leefomgeving in de wijk
Inspiratie en handvatten voor professionals uit het ruimtelijke en sociale domein: werken aan een gezonde leefomgeving in de wijkaanpak.
Veel eerstelijns zorgaanbieders hebben moeite zich te redden of te vestigen in onze steden. Ze lopen aan tegen hoge huren en kunnen hun praktijkruimte niet uitbreiden om aan de vraag en het uitdijende takenpakket te voldoen. Zie ook deze factsheet over het probleem in cijfers van de Landelijke Huisartsenvereniging. 1 In bestaande, maar ook in nieuwe wijken is er weinig ruimte bestemd of te bestemmen als praktijkruimte voor huisartsen en andere zorg, legt Sebastiaan Prause van de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) uit. Verdichting en een toename van inwoneraantallen betekent in veel steden dat het aanbod aan maatschappelijke voorzieningen op peil moet zijn en dus mee moet groeien. Prause: “Het bouwen of verbouwen van een praktijkruimte om aan de vraag te voldoen, vraagt een hoge investering. Waardoor het lastig is te concurreren met commerciële partijen.” Nijpend is ook dat huisartsen een vast bedrag krijgen uitgekeerd van zorgverzekeraars, hoe hoog of laag de huur ook is.
“Als inwoner wil ik zelf ook ergens wonen waar ikzelf en mijn familieleden gewoon in de buurt naar de huisarts kunnen. Maar je ziet die mogelijkheid op heel veel plekken teruglopen.”
Sebastiaan Prause, Landelijke Huisartsenvereniging
In rurale regio’s krimpt het aanbod van zorgvoorzieningen vanwege iets anders. In landelijk Nederland hebben vooral bevolkingskrimp en vergrijzing invloed op de vraag. Tegelijkertijd is het aanbod op veel plekken, vooral in de kleinste kernen, al verdwenen. Inwoners moeten dan grote afstanden afleggen voor gezondheidszorg, maar ook voor welzijn en dagelijkse voorzieningen. Hier is de schaarste en betaalbaarheid van geschikte ruimte minder urgent, maar is vooral het behouden en aantrekken van medisch professionals een uitdaging. Deze gebieden vragen daarom om een andere aanpak dan die in stedelijke context.
Gemeenten hebben officieel geen verplichtingen of verantwoordelijkheid als het gaat om huisvesting van huisartsen. Die ligt bij huisarts-praktijkhouders zelf. Zij zijn immers ondernemers, stelt ons marktgeordende zorgstelsel. LHV, VNG, Ineen, ZN, NZA, ministerie van VWS en ministerie van BZK (2023). Handreiking huisvesting huisartsen en gezondheidscentra (p.29). 2 Zorgverzekeraars hebben volgens de zorgverzekeringswet ook een verantwoordelijkheid voor het toegankelijk houden van zorg van inwoners. Zij kunnen bijvoorbeeld afspraken maken in regionaal verband en maatwerk bieden als huisartsenzorg dreigt te verdwijnen in een gebied.
Toch hebben gemeenten er veel belang bij dat huisartsen en andere eerstelijnszorg in wijken blijven. Met name in sociaaleconomisch kwetsbare wijken is dit van groot belang om (verdere) afglijding te voorkomen. Dat blijkt ook uit de dreigende sluiting van een gezondheidscentrum in de Utrechtse wijk Kanaleneiland, waar zelfs kamervragen over werden gesteld. 3 Huisartsen lijken het steeds vaker niet alleen te redden. “Het vak huisarts komt onder druk te staan door de toenemende werkdruk, het ondernemerschap en complexe vraagstukken, zoals huisvesting”, ziet ook Prause.
Veel gemeenten zoeken dan ook naar hun rol om zorgaanbieders zoals huisartsen te helpen, en daarmee de beschikbaarheid van zorg dichtbij inwoners zeker te stellen. “We zullen hen een handje moeten helpen. Je hebt er namelijk niets aan als ze vertrekken uit je gemeente of er gewoonweg mee ophouden”, stelt Jaap Haks, ontwikkelmanager bij gemeente Groningen.
In 2021 vonden LHV, VNG, Ineen, ZN, NZA, ministerie van VWS en ministerie van BZK elkaar in deze opgave en besloten een handreiking op te stellen. De handreiking – gebaseerd op onderzoek van Newcom in opdracht van de LHV – behandelt de cijfers en achtergrond en geeft de verantwoordelijkheden en mogelijkheden van de verschillende partijen weer. Zorgen over huisvesting huisartsenpraktijken, LHV, 31 januari 2022. 4 De belangrijkste mogelijkheden zijn het signaleren van behoeften en knelpunten, korte lijnen en afspraken tussen belanghebbenden en het afstemmen van vraag en aanbod in bestaande en nieuwe wijken.
Bekijk de Handreiking huisvesting huisartsen en gezondheidscentra (pdf)
Meerdere steden hebben een zogenoemd ‘H-team’ (huisvesting huisartsen team) opgetuigd. Daarmee kunnen gemeenten en hun partners vragen en knelpunten goed in beeld krijgen, afspraken maken en vraag en aanbod van ruimte afstemmen. Volgens coördinator van het H-team 010 Wouter Meijer was het optuigen in Rotterdam een langdurig proces met de nodige hobbels. “Het heeft wat tijd gekost om het als een echt gezamenlijke opgave te zien, in plaats van te handelen vanuit ieders eigen verantwoordelijkheden en taken. Maar nu, vier jaar verder, nemen we als partijen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor de opgave.” Andere gemeenten zoals Groningen pakken de casussen zelfstandig op. Daar komen vragen direct binnen, of via de regionale huisartsenorganisatie.
“Casussen die bij ons binnenkomen komen bijvoorbeeld vanuit startende huisartsen die praktijkruimte zoeken, groeiende huisartsenpraktijken die meer ruimte nodig hebben of nu in een te dure en ongeschikte ruimte gehuisvest zijn”, somt Meijer op. “Maar er komen ook vragen vanuit gebiedsontwikkelaars binnen die een geschikte invulling zoeken.” De steden plukken inmiddels de vruchten van de aanpak. En veel huisartsen zijn er al geholpen.
“Ons team probeert vooral te voorkomen, liever dan te genezen. Daarom kijken we vooral naar gebiedsontwikkelingen, in Rotterdam vooral inbreidingen, om ruimte voor huisartsenzorg te creëren. Daarvoor gebruiken we referentiewaarden als uitgangspunt, maar we verkennen altijd wat er in die specifieke buurt nodig is.” Dat vertelt Gerard van der Wel, maatschappelijk vastgoedstrateeg voor gemeente Rotterdam. “Maar soms moeten we ook echt crisissen oplossen.” Het kan immers lang wachten zijn voordat een gebiedsontwikkeling is voltooid en de praktijkruimte gebruikt kan worden.
Van der Wel:“We proberen kortom allerlei haakjes te bedenken waarmee we onze opdracht kunnen volbrengen.” De gemeente biedt bijvoorbeeld hulp door vrijkomende ruimte van derden en indien mogelijk ook gemeentelijk vastgoed te verbinden met huisartsen die huisvesting zoeken. Ook in Groningen gebeurt dit, vertelt Haks. “Maar we doen meer: we helpen ook waar nodig als huisartsen vastlopen in het vergunningstraject. Dan zoeken we samen met deze ruimtelijke collega’s naar oplossingen.”
In veel gemeenten zijn naast het ruimtegebrek ook de hoge huurprijzen en verbouwkosten een knelpunt. Die kunnen niet altijd volledig gedekt worden vanuit de zorgverzekeraars. PWC. (2024). Onderzoek naar financiële knelpunten bij huisvestingsproblematiek, kamerbrief ministerie van VWS. 5 Soms is het mogelijk als gemeente afspraken te maken met ontwikkelaars over de maximale huurprijzen. Ook via een zogenoemde plintenstrategie en de verhuur van gemeentelijk vastgoed of corporatiebezit kunnen betaalbare huren worden gerealiseerd. “Groningen heeft bijvoorbeeld ook grond uitgegeven tegen maatschappelijke prijzen”, stelt Haks.
Provincie Groningen hielp zorgvoorzieningen met verduurzaming, uitbreiding en nieuwbouw. In Haarlem bestaat een subsidie waarbij in zeer specifieke gevallen huisartsenpraktijken kunnen worden geholpen, bijvoorbeeld voor de financiering van tussentijdse huisvesting en andere onverwachte kosten. Huisvestingsproblemen, LHV 6
Bekijk deze pagina over Huisvestingsproblemen (LHV)
Twee hordes op deze route zijn de geldende staatssteunregels Sociaal domein & Zorg, Europa Decentraal, 31 januari 2025 7 en het beruchte Didam-arrest. Dit is wat het Didam-arrest betekent voor de praktijk van gebiedsontwikkeling, Gebiedsontwikkeling.nu, 24 augustus 2022 8 Dat komt doordat huisartsenpraktijken wettelijk als commerciële partij worden gezien en overheden oneerlijke concurrentie moeten voorkomen. Met subsidies, toewijzing van praktijkruimte of gronduitgifte moeten gemeenten dus zorgvuldig omgaan. Maar dit betekent niet dat niets mogelijk is. Zo kan bijvoorbeeld een omgevingsvergunning of aanbestedingsprocedure worden gebruikt om eerstelijnszorg een grote(re) kans te geven. Onderhands aanbieden aan één specifieke partij kan niet, maar je kunt wel zorgen voor de juiste zorgvoorziening op de gewenste plek.
Ondersteuning, advies en bemiddeling door gemeenten, verzekeraars en huisartsenkoepels zijn al een belangrijke stap om de zorgvoorzieningen weer op peil te krijgen. Gemeenten geven echter aan dat er nu willekeur dreigt te ontstaan, omdat verschillende gemeenten hun taak anders opvatten. Daarom zijn er maatregelen nodig om tot structurele oplossingen te komen:
Het verdwijnen van zorg uit gebieden in stedelijke en landelijke context is een probleem waar wij als maatschappij samen zorg voor dragen. We hebben daarvoor creatieve, structurele oplossingen nodig om huisartsen en andere zorgvoorzieningen in onze wijken, dorpen en steden te houden. Het staat vast dat alle betrokken partijen een stukje van de puzzel in handen hebben en dat alle partijen inzien dat deze voorzieningen van levensbelang zijn voor onze wijken en buurten.
De vraag is alleen nog hóé we een toekomstbestendige eerstelijnszorg creëren en wie daarin welke taken heeft. Zo lang structurele landelijke oplossingen er nog niet zijn, zullen overheden en hun partners nu al stappen moeten zetten. Prause: “We moeten vooral met elkaar het gesprek aangaan om huisvesting voor elkaar te krijgen. Groningen en de H-teams in Rotterdam en andere gemeenten laten al zien dat het gewoon lukt om met elkaar aan tafel te zitten en samen een oplossing te bereiken.”