Opinie Woonwagenbewoners

Woonwagenbeleid: tijd voor een brede denkomslag

9 juli 2020 | Leestijd: 2 minuten
De Nederlandse woonwagenbewoners strijden met succes voor hun rechten. Na een lange juridische strijd staat hun positie op de politieke agenda. De landelijke overheid bracht in 2018 een beleidskader uit dat gemeenten bouwstenen aanreikt voor het lokale woonwagenbeleid. De belangrijkste oproep in het beleidskader is dat er meer standplaatsen bij moeten komen, omdat woonwagenbewoners recht hebben te leven in overeenstemming met hun culturele identiteit en de overheid verplicht is dit te beschermen en faciliteren. Het huidige tekort aan standplaatsen druist in tegen de rechten van deze groep. Sinds vorig jaar mag ik een rol spelen in het ontwikkelen en delen van kennis over een lokaal woonwagenbeleid dat in lijn is met de mensenrechten.

Auteur(s)

David Louwerse

Volgens mij is de keuze om eerst in te zetten op de woonsituatie een goede zet. Tegelijk hoop ik dat dit slechts het begin is. Op basis van de vele gesprekken die ik het afgelopen jaar heb gevoerd met woonwagenbewoners, medewerkers van gemeenten en woningcorporaties en anderen, concludeer ik samen met deelnemers van het kennis- en leerprogramma Lokaal woonwagenbeleid dat de ongelijke en nadelige behandeling van woonwagenbewoners stevig in het economische verkeer verankerd is.

Waarom zijn er vanuit de Nationale Hypotheekgarantie maxima aan de financiering van standplaatsen en woonwagens, die veel lager liggen dan de gangbare vraagprijs van deze woonproducten? Waarom ondervinden woonwagenbewoners moeilijkheden bij het afsluiten van verzekeringen voor hun woonwagen? Waarom is het aantal aanbieders van verzekeringen en hypotheken voor deze woonproducten zo beperkt? Dit soort drempels belemmeren de participatie in de samenleving en (economische) emancipatie van de woonwagenbewoners. Zo zitten zij immers ‘vast’ in de huursector. Ik kwam een voorbeeld tegen van een gemeente die hierom koop op afbetaling biedt aan woonwagenbewoners. Heel ruimhartig, maar dat is voor de grote doelgroep geen duurzame oplossing.

Er kunnen best legitieme redenen zijn om verschillende woonproducten verschillend te behandelen. Maar als dat er in de praktijk toe leidt dat de rechten en de sociaaleconomische positie van een minderheidsgroep onder druk staan, is het volgens mij tijd om met elkaar het gesprek aan te gaan. Kan dit niet anders? Volgens mij moeten we niet direct in de wetgevingsreflex schieten, maar juist open het gesprek aangaan.

De afgelopen drie jaar zijn er al veel positieve ontwikkelingen in gang gezet. Nu is het tijd voor een brede denkomslag. Dat kunnen we niet alleen aan gemeenten en bewoners overlaten. De samenleving moet meebewegen. Ook werkgevers en medewerkers van banken, nutsbedrijven, verzekeringsmaatschappijen en anderen moeten gaan inzien wat de rechten van woonwagenbewoners inhouden. De landelijke overheid kan een enorme slag maken door, in navolging van haar visie op woonwagenbeleid, interdepartementaal en in de samenleving het gesprek aan te jagen over de positie van woonwagenbewoners in het economische verkeer.

 

 

 

 

 

 

David Louwerse was projectmedewerker bij Platform31.

 

 

Bekijk voor meer verdieping het dossier Lokaal woonwagenbeleid (in kennisdossier Woningmarkt)

Ontvang nieuws van Platform31

Nieuws, publicaties en bijeenkomsten van Platform31 automatisch in jouw mailbox? Meld je dan aan voor onze tweewekelijkse nieuwsbrief over actuele ontwikkelingen in stad en regio.

Bekijk al onze nieuwsbrieven en updates

"*" geeft vereiste velden aan